Overnachten en kamperen

Er zijn in alle berggebieden ruime mogelijkheden tot wildkamperen, wat trouwens ook steeds legaal is dankzij het allemansrecht. Als algemene regel kan je aanhouden dat de bodem vanaf zowat 400m boven de boomgrens erg stenig en arm wordt met nog slechts weinig bivakmogelijkheden.

De DNT onderhoudt een netwerk van bijna 500 berghutten, verspreid over het gehele land. De hutten kunnen worden onderverdeeld in 3 types:

  • De bemande hutten, waar op zijn minst een deel van het jaar personeel aanwezig is en in die periode ook warme maaltijden en ontbijt kunnen worden genuttigd. Er is meestal ook mogelijkheid tot het inslaan van proviand.
  • De zelfbedieningshutten, waar (behalve soms in het absolute hoogseizoen) geen huttenwaard aanwezig is. Er is een voorraadkast waar proviand kan worden aangekocht.
  • De onbemande hutten, zonder huttenwaard en zonder proviand.

Alle hutten zijn bijzonder luxueus ingericht, met goede bedden, een kookfornuis op gas, en elektriciteit via een door zonnepanelen geladen 12V-accu. Als lid van de DNT (310 kroon per jaar voor -26 jarigen, 590 kroon per jaar voor volwassenen) kan je een sleutel aanvragen waarmee je alle hutten kan openen. Je geniet daarnaast van een voordeeltarief voor overnachtingen. De tarieven voor overnachtingen zijn licht verschillend doorheen het land, maar bedragen over het algemeen 15 à 25€ voor leden in de bemande hutten en zelfbedieningshutten. De onbemande hutten kosten voor leden 10 à 15€. Voor jongeren (-26) is er steeds een goedkoper tarief, vaak de helft van de prijs. Niet-leden mogen 50 à 100% bij de prijs optellen.

p6241409_1200x900.jpg

De hutten van de DNT zijn bijzonder luxueus; hier de onbemande hut van Kongshelleren in Skarvheimen (Willem Vandoorne).

Beste periode

In de berggebieden ligt er vaak tot begin juli veel sneeuw. Wie vroeg gaat riskeert nog erg veel sneeuwvelden te moeten oversteken. Daarnaast worden vele zomerbruggen, die de wandelaar op de DNT-routes helpen om veilig de voornaamste rivieren over te steken, pas in de loop van de maand juni of zelfs begin juli opgebouwd.

Het klassieke wandelseizoen begint pas rond 10-15 juli en duurt tot eind augustus. De temperaturen zijn dan ook het hoogst. In juni en juli geniet je in het noorden van de middernachtzon, en wordt het zelfs in het zuiden van Noorwegen nauwelijks donker. De zomers zijn in Scandinavië vaak zeer nat met lange periodes van aanhoudend slecht weer. Nachtvorst is de hele zomer mogelijk boven de boomgrens.

Vanaf eind augustus dalen de temperaturen reeds gestaag. September is nog een uitstekende wandelmaand met het hoogtepunt van de herfstkleuren. Die pieken rond de boomgrens typisch rond 10-15 september in het noorden, en rond 15-25 september in het zuiden van het land. De kans op sneeuwval neemt in de bergen echter snel toe, en tegen het einde van de maand worden de omstandigheden in de bergen typisch te slecht voor doorgaande trektochten.

Het klassieke seizoen voor wintertochten begint pas in de maand maart. Daarvoor is de daglengte te kort en het weer te koud en guur. Het voorjaar levert meer stabiele en stilaan zachtere weersomstandigheden en ideale sneeuwcondities. Vanaf eind maart bedraagt de daglengte meer dan 12 uur. Op de hogere routes kan typisch tot eind april of zelfs begin mei vlot worden geskied. In de winter zijn de DNT-winterroutes gemarkeerd met op de 20m geplaatste wilgentakken.

p6151080_1200x900.jpg

Vroeg in het seizoen ligt er in de bergen vaak nog erg veel sneeuw. Deze foto uit Setesdalsheiane werd midden juni genomen! (Willem Vandoorne)

Bewegwijzering en paden

Noorwegen bevat zowat 20.000km gemarkeerde wandelpaden. Ze worden typisch onderhouden door de DNT en zijn gemarkeerd in het rood. De paden in de bekende wandelgebieden zijn over het algemeen erg goed onderhouden en voldoende gemarkeerd. Op minder belopen routes is de markering soms gebrekkig en het pad op het terrein nauwelijks zichtbaar. Kaart en kompas zijn dan onontbeerlijk.

Daarnaast zijn er nog talloze berggebieden waar (gemarkeerde) paden geheel of gedeeltelijk ontbreken, vooral in de noordelijke helft van het land. Ervaren wandelaars kunnen zich hier volledig uitleven en soms dagenlang ‘off-trail’ adembenemende wildernis doortrekken zonder een mens tegen te komen.

De rode ‘T’ duidt een zomerroute aan (Lapland – Steve Behaeghel).

Kaarten en topogidsen

De kaarten van Noorwegen zijn over het algemeen zeer kwalitatief.
Alle kaarten zijn op waterbestendig en scheurvast papier gemaakt, dat ervoor zorgt dat de kaarten buiten gebruikt kunnen worden in alle weersomstandigheden.

De nationale serie wandelkaarten ('Turkarten') van Nordeca bestaat uit ongeveer 200 kaarten, die de meest populaire wandelgebieden van Noorwegen aandoen. De wandelkaarten werden gepubliceerd in samenwerking met de Noorse Trekkersvereniging (DNT) en bevat hun routes en hutten (ingetekend op de kaarten).

De meeste wandelkaarten worden op schaal 1:50000 uitgebracht. Van specifieke gebieden worden ook kaarten op schaal 1: 25.000 uitgebracht. Dit gaat over een beperkt aantal gebieden waar het belangrijk is over gedetailleerde terrein en routeinformatie te beschikken of wanneer het een kleiner maar zeer populair gebied betreft (bv Galdhoppigen, de hoogste berg van Noorwegen)

Turkarten.jpg

Online kan je je tochten voorbereiden met de digitale kaarten van oa.:

Bevoorrading en water

Onderweg op je tocht is het in principe zeer veilig om water te drinken uit natuurlijke bronnen.

Let wel op de volgende zaken:

  • stromend water is steeds veiliger dan stilstaand water
  • verzeker je ervan dat er in hogergelegen gebieden (waar het water vandaan komt) geen kudde dieren staat of kadavers van dode dieren liggen
  • ben je niet zeker, kan je nog steeds het water filteren en/of koken.

Nuttige links

Ben je bekend met deze regio? Wil je graag je kennis toevoegen aan deze pagina?
Geef ons een seintje op communicatie@hikingadvisor.be