Vlot bereikbaar en ruiger en rustiger dan de Vogezen.

Situering

De Jura ligt zowel in Frankrijk als Zwitserland. Dit middengebergte vormt een langgerekte boog van zo'n 350 km lengte. Ter hoogte van Basel is het door de Rijnvallei afgescheiden van de Vogezen en het Zwarte Woud. Tussen Basel in het noorden en Genève in het zuiden is de Jura op zijn breedst en bestaat het uit een 5-tal parallel verlopende bergruggen. Verder naar het zuiden versmalt de Jura om Voreppe aan te sluiten bij het Chartreuse-massief. Ook aan de noordoostelijke kant loopt de Jura voorbij Basel in een smalle keten die ter hoogte van Zürich helemaal verdwijnt.

De Jura wordt slechts door één rivier dwars doorgesneden, namelijk door de Rhône bij Genève. De Doubs vormt een lang uitgerekte U dwars door de Jura.

De Jura is opvallend assymetrisch ; golvend en lager in het westen, hoger en bergachtiger in het oosten.
Dit heeft alles te maken met de geologie : de Jura zijn een dikke laag kalksteen bovenop zachtere mergel en kleilagen. Die kalksteen is geplooid, en de plooiing is het meest uitgesproken en het hoogste op de oostelijke kam (de kant richting Zwitserland) en is steeds minder uitgesproken in westelijke richting (de kant richting Frankrijk). Op de hoogste kam kijk je dus overal uit over het hele Zwitserse Mittelland en bij goed weer wordt je getrakteerd op spectaculaire panorama's van de hele Alpenketen. De hoogste toppen worden "crêtes" genoemd.

Jura coupe.gif

Schematische doorsnede van de Jura met bovenop de Jura-kalklaag (blauw) en eronder de zachtere mergel (oker).

De harde kalklaag vormt steile hellingen en rotswanden. Overal in de Jura kan je dus diep ingesneden gorges of kloven ontdekken. Valleien bovenop de kalklaag zijn ooit gevormd door gletsjers maar omdat het water ondergronds via grotten wegloopt, blijven dit relatief brede en relatief vlakke valleien of "combes". In de winter ontwikkelt zich in deze combes een specifiek micro-klimaat waardoor het er een stuk kouder is dan op vergelijkbare hoogtes in de Alpen of Vogezen.

Openbaar vervoer en bereikbaarheid

De Jura is uitstekend bereikbaar met openbaar vervoer. De TGV-lijnen naar Genève, Lausanne zijn verrassend goedkoop en maken een tussenstop midden in de Jura. Je kan in de stations van Bellegarde of Vallorbe een tocht starten ofwel met het lokale openbaar vervoer een stukje dieper de Jura intrekken. Voor de noordelijke helft van de Jura zijn de TGV-stations van Basel of Belfort-Montbéliard logischer keuzes, gevolgd door een lokale treinrit van een klein uur. Een tocht van één week tussen twee TGV-stations op een 5-tal uur trein vanuit Brussel, is perfect mogelijk.  

De auto op het startpunt zetten en na een weekje met het openbaar vervoer terugkeren is een stuk lastiger. Zeker aan de Franse kant is het openbaar vervoer stervormig opgezet en raak je wel vlot in de dichtsbijzijnde stad of station, maar zijn er in de praktijk geen logische verbindingen parallel met de Jura-keten. Het vlotste is wellicht om start- en eindpunt in Zwitserland in te plannen en met het Zwitserse openbaar vervoer terug op het startpunt te raken. Een andere formule die vooral mikt op skiërs op de GTJ is om terug te rijden met het busje dat het bagagetransport verzorgt. Zie bv. Roule ma Poule.
Het beste overzicht voor wie de GTJ of een variant ervan wil doen : Guide d'Ecomobilité van de GTJ-organisatie.

Natuurparken en bivakkeren

Het hoogste deel van de Franse Jura is een regionaal park. Dit strekt zich uit tussen de Rhône vallei in het zuiden en Pontarlier in het noorden. Het doel is een mix van zacht toerisme, natuur en behoud van de leefbaarheid van de afgelegen dorpen en valleien. Binnen dit park zijn een aantal zones beschermd.

Het is de bedoeling dat een vergelijkbaar regionaal park zal opgericht worden in de Doubs.

Beide parken sluiten naadloos aan bij hun Zwitsere tegenhangers : Parc van de Jura Vaudois en Parc du Doubs.

Binnen deze regionale parken zijn er een aantal zones die beschermd zijn als natuurgebied. Voor de wandelaar heeft dit laatste een aantal consequenties :

  • in deze natuurgebieden is het verboden te bivakkeren. Aan de Franse kant wordt een bivak (zoals steeds voor één nacht, zonder afval, zonder kampvuur, ...) getolereerd vlak bij de meest gebruikte onbewaakte hutten. Dat zijn trouwens ook de enige plekken waar er in de zomer water te vinden is.
  • in de winter zijn natuurgebieden afgesloten voor wandelaars tenzij op een beperkt aantal specifiek gemarkeerde routes. Dit is het geval voor Bois de Massacre, Forêt de Risoux en het natuurreservaat van de Haute-Jura.

Het is perfect mogelijk om er te bivakkeren in de onbewaakte hutten :

  • er zijn enkele goed uitgeruste onbewaakte hutten met matrassen, dekens, een keukentje, water, ... waar er vooraf moet gereserveerd worden. Er is een kachel en een bijhorende houtvoorraad en doorgaans ook een waterciterne. Soms zijn deze hutten permanent open, veel vaker moet je vooraf de sleutel ophalen of de sleutelcode opgestuurd krijgen. Voor deze hutten wordt een kleine vergoeding gevraagd.
  • er zijn honderden kleine hutjes waar er enkel een tafel en wat banken, en een kachel beschikbaar zijn. De houtvoorraad moet je zelf aanvullen en water is doorgaans niet beschikbaar. Je kan er met enkele personen op de grond slapen mits je een slaapzak, matje enz. meebrengt. In principe zijn deze hutten bedoeld voor bosarbeiders, maar ze kunnen de rest van het jaar gebruikt worden voor noodsituaties. Eén enkele nacht overnachten wordt aanvaard. 

Interessante tochten

Het westelijke deel van de Jura heeft weinig meerwaarde tegenover de Vogezen of de Ardennen. Wie in het wandelseizoen (april/mei tot oktober) naar de Jura trekt, zoekt het dus vooral dieper in de Jura :

  • de crêtes : de toppen van de twee hoogste (meest oostelijke) kammen en de bijhorende combes en valleien
  • de diep ingesneden vallei van de Doubs. Vooral het stuk tussen Lac des Brenets en Saint Ursane is erg interessant, zonder wegen en zonder dorpen.

De GR509 loopt van noord naar zuid door de Franse Jura. Deze combineert deze twee landschappen. In de winter ligt het stuk in de gorges de Doubs er vaak slecht bij (zware ijzelvorming op de paden, risico op vallende ijsbrokken) en ligt het deel op de crêtes vaak onder een dik pak sneeuw.

Wie een tocht in lijn wil maar toch snel terug bij de auto wil raken kan misschien de GR9 eens proberen. Deze verkent het zuidelijke stuk van de Jura. De eerste twee etapes vanuit St-Amour zijn min of meer vergelijkbaar met de Ardennen, daarna wordt de kamlijn gevolgd tot het uiterste puntje van de Jura bij Culoz. Maar je mist de gorges du Doubs.

De combinatie GR5 / GR9 is veel mooier. De tocht start dan bv. in St-Hypolythe of - voor wie alle aspecten van de Jura wil verkennen - in Mandeure. Deze "GTJ à pied" en de GR509 kruisen elkaar vaak. Deze blog geeft tips voor wie deze al bivakkerend wil doen. Deze video is een leuke teaser. Trekmag geeft een bruikbare online-topo.

De GR Balcons de Leman tussen Bellegarde en Saint-Cergue in Zwitserland is de logische keuze voor wie het wildste stuk van de Jura wil verkennen. Deze GR volgt de kamlijn. Overnachting gebeurt in kleine onbewaakte berghutten of met de tent. Deze GR is ook de logische voortzetting van de Zwitserse Haute Route du Jura die bij La Dôle plots stopt door de landsgrens.

Ook de Franse GR's hebben het nadeel dat ze zich beperken tot de Franse Jura. Wie de gorges du Doubs integraal wil verkennen kan bijvoorbeeld best starten in St-Ursane in Zwitserland. En wie maximaal van de crêtes wil profiteren zal na de gorges du Doubs tussen Le Locle en Vallorbe een doorsteekje maken naar Zwitserland via Creux de Van, Chasseron en Aiguilles de Baulmes op de Zwitserse Haute Route du Jura.

U heeft het begrepen : wie op één trekking het maximum uit de Jura wil halen, moet combineren en moet al eens de grens oversteken.

IMG_20200127_105713.jpg

Lac de Chaillexon / Lac des Brennets : het begin (of eindpunt) van de Gorges du Doubs

Dit gebied leent zich voor beginnende wintertrekkers, die hier overigens niet enkel op sneeuwschoenen maar ook op langlaufs kunnen trekken. Traditioneel gezien wordt alleen de langlaufer in de watten gelegd, met geprepareerde pistes die enkel voor langlaufers met een pasje toegankelijk zijn. Snowshoeing raakt beetje bij beetje aanvaard ; rond 2000 was je als snowshoer een absolute paria die nergens terecht kon - die tijd is gelukkig voorbij. Maar in de klassieke langlaufcentra en op het parcours van de GTJ voor ski's ben je als snowshoer niet welkom. Bekijk het van de kant van de skiërs : hoe zou je zelf zijn als iemand zonder betalend pasje het spoor zomaar komt kapotstampen ?
Daarnaast moet je ook rekening houden dat delen van natuurgebieden niet toegankelijk zijn om zo het wild niet te verstoren (zie hierboven - beschermde natuurgebieden) en dat er hier en daar hellingen > 30° buiten bos zijn met lawinerisico. Zomaar de GR volgen zit er in de winter niet in ; je kijkt best deze drie punten (langlaufroutes / rustgebieden wild / lawinerisico) vooraf goed na.

Wie als absolute beginner een wintertrekking op sneeuwschoenen wil doen kiest best voor de GTJ à raquettes. Dit is een bewegwijzerde route met overnachting in gîtes of berghutten over een 5-tal dagen tussen Métabief (busverbinding afgestemd op de TGV vanuit Frasne) naar Giron (geen busverbinding meer naar TGV Bellegarde). Wie al wat ervaring heeft met oriëntatie in de sneeuw en de raquettes juist ziet als een middel om de rust van het sneeuwlandschap te genieten, blijft beter weg van dit parcours of houdt dit achter de hand als plan B in geval van slecht weer.

jura france 02.jpg

De warmgele markeringen van de GTJ pour raquettes worden iedere winter opnieuw aangebracht.

Reisprogramma van een langlauftrekking in de Jura

Ben je bekend met deze regio? Wil je graag je kennis toevoegen aan deze pagina? Geef ons een seintje op communicatie@hikingadvisor.be