Verslag: Arthur Follebout

Foto’s: Miriam Heps, Ivo Vanmontfort

Een druppel nectar verdwijnt in m’n mond, medereiziger Kristof had me net uitgelegd hoe je nectar kan oogsten uit een bloem. Ik sluit m’n ogen en een rust daalt op me neer, een beloning voor de klim die ons daarnet deed puffen. We zitten met z’n tienen in de Ardennen voor een tweedaagse wandeltocht om ons onder te dompelen in het wandelen, in de omgeving. We komen vrijdagavond toe in het pittoreske Achouffe.

Blijf laag bij de grond!

Begeleider Ivo had een prachtige plek gevonden om de eerste nacht te overnachten. Boven een bergflank hebben we uitzicht op een klein, sprookjesachtig verlicht, dorpje (Maboge). Een wapperende windzak verraadt dat avonturiers hier aan parapante doen. We eten en we beslissen om snel te gaan slapen, want morgen beloofd het vroeg dag te worden. Maar we worden verrast: een schot, en nog één. Is het jaagseizoen? vraagt Ivo zich af, de begeleider is er niet gerust op. Blijf toch maar laag bij de grond en ga maar gaan slapen, adviseert hij ons. Met een klein hartje slapen we in onze tenten, tarps, of bivakzakken. Het schieten duurt nog even door maar ik slaap snel in.

Vroeger dan verwacht is iedereen wakker, de zon is er vroeg bij en de frisse ochtend rilt ons uit onze slaapzakken. Het ochtendgloren vertelt ons dat het een mooie dag zal worden. Terwijl we genieten van de opstaande zon krijgen we gezelschap.

Chillen met een pizza

De plaatselijke jeugd kent immers haar schone plekjes. Na een avondje uitgaan besloten een aantal jongens om de nacht af te sluiten met een pizza op de bergflank. Ze roken nog een sigaretje en eten in slow motion van hun pizza’s terwijl de boxen van hun autootje blijven knallen. Het maakte het opstaan voor ons een beetje minder idyllisch en daarom besloten we maar snel te vertrekken, om terug te keren in de tijd.

Ronddwalen in een nederzetting van toen

Tijdens het afdalen komen we namelijk een reconstructie tegen van een oude, Keltische vesting.

De plek waar we nu staan zou bewoond geweest zijn tussen de 8ste en 6de eeuw voor Christus. Lang geleden dus, hoe het was om toen op zo’n plekje te wonen. Hoe groot zou zo’n dorpje zijn en wanneer zouden ze achter hun vesting trekken? Vragen die bij ons opdoemen, genoeg voeding om verder over na te denken.

Schoenen uit

We dalen verder naar beneden en daar kiezen we voor avontuur. We hadden enkele extra kilometertjes kunnen doen door het pad volgen, maar we kiezen ervoor om door de rivier te stappen. We moeten tweemaal het water over want de rivier maakt een strakke bocht. blootvoets is een slecht idee om de oversteek te doen, en ik heb geen speciale waadschoenen mee, dus kies ik samen met een paar anderen ervoor gewoon m’n wandelschoenen aan te houden.

Terwijl we door de rivier stappen zwemmen kleine visjes van ons weg. Een alertheid dat andere dieren ook beter zouden hebben, maar daarover later meer.

Actieve stilte

TIjdens het wandelen wordt er van ons verwacht om te zwijgen. Waarom? Omdat we ervoor kozen om mee te gaan met een stiltewandeling. Maar dat blijkt niet zo simpel te zijn. Een vroegere deelnemer van hickingwandelingen had gezegd dat hij van de stilte genoot; om beter te kunnen observeren, om meer in het moment te zijn. Die deelnemer praat over een ervaring die spontaan is ontstaan, maar kan je een groep daartoe dwingen? Voor de een is het eenvoudiger dan voor de ander, maar ik vermoed dat stilte in groep niet alleen de afwezigheid is van spreken en geluid, maar een soort van Actieve Stilte zou moeten zijn. Dat bekom je niet alleen door af te spreken om niet meer te spreken, maar wel door de stilte te introduceren.

Wanneer we een stijl klim bezig zijn is wel iedereen stil, afgezien van het puffen. Gedurende de twee dagen doen we best wel wat hoogtemeters: op zaterdag 900 meter, op zondag 800.

Samenloop

Het einde van de wandeling op zaterdag nadert komen we terecht bij de samenloop van de Ourthe Orientale en de Ourthe occidentale, een prachtig uitzicht. We wandelen nog verder langs het water richting onze slaapplek, de charmante camping Au Bout Du Monde.

Als je je afvroeg welke taal ze spreken op de rand van de wereld, zullen liefhebbers van exotische talen teleurgesteld zijn, want terug rondom de camping horen we voornamelijk het Nederlands. De regio is populair bij Vlaming om te wandelen en te mountainbiken. Maar dat laten we niet aan ons hart komen.Na het eten doen we nog een terrasje bij het charmante café van de camping. Tamelijk snel roepen onze benen tot de orde. ze willen gaan slapen en we luisteren gedwee.

De volgende ochtend staat nog een mooie wandeling op het programma; we gaan de bevers bezoeken.Via een aantal klimmetjes en hellingen, in gezelschap met vele collega-wandelaars, bereiken we uiteindelijk een oase van rust, de plek waar bevers de baas zijn. We zien andere vlinders en andere planten dan in de rest van het traject. Nu worden we echt stil. Zo’n schoonheid. Begeleider Ivo had gelijk om het schoonste voor het laatste te houden.

Die rust wordt totaal doorbroken wanneer we terug in de bewoonde wereld aankomen, want de brouwerij Achouffe blijkt een super populaire toeristentrekpleister. Motards, schreeuwende kindjes bevolken het terras. Maar we vinden toch een schone plek om te rusten. We trakteren ons op een pintje vooraleer we afscheid nemen.

Toen ik thuiskwam had ik veel te vertellen: over de beverdammen die we gezien hadden, de pizzaboys, de mooie uitzichten en het aangename gezelschap. Voor herhaling vatbaar!

Traject