ENGLAND & WALES

Home>ENGLAND & WALES

De Engelsen zijn een wandelend volk. Getuigen daarvan zijn de vele wandelorganisaties en hun aanwezigheid op het internet. Jong en oud trekt op vrije dagen zijn wandelschoenen aan voor een uitstap van één of meerdere dagen. 

Afgaand op het aantal Nederlandstalige verslagen dat Hiking Advisor momenteel in eigen rangen heeft verzameld, lijkt het merendeel van de rugzaktrekkers Engeland te negeren door meteen hoger richting Schotland te trekken. De variatie aan landschappen zou nochtans veel bergwandelaars aan moeten spreken. Een levendige kustlijn, ruige rotspartijen, bergen en heuvels, heide- en moerasgebieden, waar het soms afzien is maar binnen handbereik zijn evenzeer pittoreske plaatsen, historisch erfgoed en gezellige pubs in de vallei waar je kan nakaarten over je escapades ‘high up in the hills’.

Dit artikel is opgedeeld in verschillende hoofdstukken. Na een algemene voorstelling worden de verschillende populaire streken apart behandeld. Met meer dan 1.400 verschillende routes is het onmogelijk om volledig te zijn. We pikken er enkele ideeën uit die interessant kunnen zijn.

Auteur van dit artikel is Ivo Vanmontfort met aanvullingen van Yanick Bos en Debbie Sanders.

Lake District (foto: David Cappelle)

Lake District (foto: David Cappelle)

ALGEMENE INFO

Wandelpaden en bewegwijzering

Als je de regels over de vrije toegang tot het open land erop naleest, merk je dat de regels in Engeland wat strikter zijn dan in Schotland maar tegelijk zijn er, als je respect hebt voor de natuur en zijn bewoners (zowel het wild als de eigenaar van de grond) amper beperkingen. Her en der zijn er public footpaths die wel eens gecontesteerd worden, net als de Trage wegen bij ons. Met de countryside code pogen ze de samenwerking tussen gebruikers en eigenaars van het land te regelen.

Typisch beeld in England & Wales, via laddertjes kan je over de omheining (foto: Debbie Sanders).

Beginners kiezen best voor één van de bewegwijzerde wandelroutes. Je hebt dan de keuze.

(1) National Trails zijn bekende, goed gedocumenteerde lange afstandsroutes die ook vanuit de overheid mee worden ondersteund. Goed onderhouden, gemarkeerd en met voldoende voorzieningen onderweg. Op National trail vind je een overzicht. Klik op de naam en je wordt rechtstreeks doorgelinkt met de website van het pad waar je verder alle info vindt om je tocht voor te bereiden. In dit geval zal een eikel als symbool je helpen om op de route te blijven. In het totaal gaat het over meer dan 4.000 km gemarkeerde routes die allemaal door een gevarieerd landschap lopen.

Symbool van de national trails (foto: Debbie Sanders).

De  Pennine way bijvoorbeeld is met zijn 429 km het oudste pad en heeft in 2015 zijn 50ste verjaardag gevierd terwijl het England coast path als jongste nog steeds in ontwikkeling is. Hier wordt van verwacht dat het tegen 2020 voorgesteld kan worden aan het groot publiek. Je kan zelf aan de planning beginnen maar evenzeer, het kost wel wat meer, kan je het als arrangement boeken. Bij de meeste tochten kan er zelfs voor bagagetransport worden gekozen.

(2) Of je kiest voor één van de vele regionale langeafstandroutes die al dan niet gemarkeerd zijn en via publicaties (zowel op internet als via boek) zijn beschreven. Voor een eerste verkenning van deze soorten routes zou je de info op traildino.com kunnen raadplegen. Hier is de lijst nog enigszins beperkt gebleven.

Een totaaloverzicht van alle langeafstandwandelingen vind je op de site van de  the Long Distance Walkers Association. Daar vind je ook een begin om je zo verder te informeren. Eenmaal gefilterd (dat doe je best, anders begint het te duizelen) worden ze op een kaart geprojecteerd. Dat maakt het wat gemakkelijker om ze te plaatsen.

Bevoorrading en water

Als je een eigen route wil samenstellen moet je rekening houden met de al dan niet beperkte aanwezigheid van bewoning. Een dorpje heeft niet altijd een winkel, een pub zal je in afgelegen dorpjes al sneller aantreffen. Steeds op voorhand voldoende opzoekwerk verrichten om in je bevoorrading te voorzien is alleszins de boodschap. Voor de meer afgelegen gebieden zoals Snowdonia en Lake District zal je zelf in moeten staan voor de bevoorrading. Water is meestal overvloedig aanwezig via stroompjes of meren maar door de aanwezigheid van vee is het ontsmetten van water altijd aangewezen.

In pubs kan je meestal eten. Voor wandelaars is de Ploughman’s lunch een echte aanrader (foto: Debbie Sanders).

 Overnachten

Op de gemarkeerde nationale routes zal het niet moeilijk zijn om een slaapplaats te vinden. Zie hiervoor de info bij het betreffende pad. Een ruim totaal overzicht voor Engeland vind je ook bij de Long Distance Walkers Association. Op de meer toegankelijke trails heb je mogelijkheden in overvloed: campings, B&B, bunkhouses, hostels. Al kan je in de meer afgelegen gebieden niet altijd kiezen uit alle opties! Hou er rekening mee dat, als je de organisatie zelf voor je rekening wil nemen, je op populaire routes ruim op voorhand moet beginnen te plannen om een vrij bed te vinden.

B&B’s vind je in vele plekken, soms in huizen met een Victoriaanse stijl. Een English Breakfast is een goed begin van de dag (foto: Debbie Sanders).

De avontuurlijker ingestelde wandelaar die zijn eigen tocht uitzet kan, naast de eigen tent ook terugvallen op bothies. Dit zijn primitieve onderkomens met weinig of geen voorzieningen, en zijn dus niet te vergelijken met berghutten in de Alpen of in Noorwegen. Het zijn eenvoudige huisjes of hutjes, vaak oude gebouwen op grond van grote landeigenaars, die onbemand zijn en vaak geen faciliteiten hebben zoals lopend water of dekens. Een matje, slaapzak en kookgerei moet je zelf meenemen. Het gebruik ervan is meestal gratis. Meer informatie over de precieze locatie en toestand van de bothies kan je vinden op de site van de Mountain Bothy Association waar je tevens (vrijwillig) lid kan worden. Als je er gebruik van maakt, houdt niets je tegen om het onderhouden van deze overnachtingsplaatsen te stimuleren.

Trek je met de tent rond en hou je liever van bivakkeren (dit wil zeggen dat je ‘avonds je tent op zet om dan in de ochtend terug op te breken) dan is dat ook in Engeland mogelijk. In principe is het op één enkele uitzondering na verboden om wild te kamperen in Engeland en Wales. In principe vraag je steeds de eigenaar van het land om toestemming. In afgelegen gebieden is dit vaak niet haalbaar. De wildcamping regels zoals ze binnen het Lake District gelden, zijn een goed handvat om naar te handelen. Het wordt  een stuk moeilijker om een bivak te maken wanneer je niet op hoogte wandelt of korter bij bewoning bent. Soms bieden pubs en boerderijen ook een plek aan waar je de tent op kan slaan. Wildkamperen raden we, kort bij woningen,  zonder overleg met de eigenaar ten stelligste af. Dartmoor Nationaal park is de enige plek waar je binnen bepaalde gebieden officieel kan wildkamperen.

Klimaat

Net als Schotland kan het weerbeeld in Engeland erg variëren afhankelijk van de plek waar je staat en van waar de wind komt.

  • Noordwestenwinden geven koele zomers, zachte winters en kans op veel regen gedurende het ganse jaar.
  • Noordoostenwinden geven koele zomers, koude winters en matige regenval gedurende het ganse jaar
  • Zuidoostenwinden geven warme zomers, milde winters, lichte regen (vooral ‘s zomers) gedurende het jaar
  • Zuidwestenwinden geven warme zomers, milde winters en hevige regenval (vooral ‘s winters) gedurende het jaar

Snowdonia is daarmee met voorsprong de natste plek, gevolgd door het Lake district. Voor zon moet je aan de zuidkust zijn. Met zijn 1750 uren zonneschijn beduidend meer dan de bergen in het westen. In de lente kunnen nog tot eind april sneeuwbuien voorkomen. Maritieme invloeden maken dat het weer erg wisselvallig kan zijn. Over het algemeen is het weerbeeld in Engeland te vergelijken met ons eigen weer, en minder extreem in vergelijking met Schotland (denk daarbij aan dagen sneeuwval of stormgevoeligheid).

Check steeds het weerbericht voor je vertrek. Metoffice en  mwis.org  geven het weerbericht voor de komende dagen in bergachtig gebied. De statistieken van de voorbije jaren bijgehouden door Metoffice zijn een goed handvat om je een beeld te vormen van de te verwachten gemiddelden van een bepaald gebied. Een algemeen, wat diepgaander artikel over het klimaat vind je op wikipedia. De tijden van zonsopgang en -ondergang vind je op deze site.

Jacht

Er wordt minder aan hertenjacht gedaan dan in Schotland. Vooral patrijzen- en fazantenjacht is populair in de maanden augustus tot december maar dit heeft veel minder impact op de wandelaars dan deer stalking. Toch blijft het mogelijk dat ‘open acces land’ wordt afgesloten bij georganiseerde jacht.

Transport

Naar Engeland en Wales kan je met het vliegtuig, de boot, de trein of de auto reizen. Meer gedetailleerde aanlooproutes worden besproken binnen de verschillende gebieden.

Vliegen: Hoewel niet heel volledig maar de kaart op http://www.lowcostairlines.nl/ geeft je een overzicht van de vliegverbindingen tussen Engeland en onze regio.   brusselsairlines.

Ferry: Voor verbindingen heb je de keuze tussen DfdsseawaysPO ferries en Stenaline.

Auto: Met de auto op de trein kan met Eurotunnel.

Trein: De Eurostar is voor louter personenvervoer. Hou er dan rekening mee dat je dezelfde strenge regels hebt dan op het vliegtuig (vervoer van brandstof is verboden). Traveline is een goede transportplanner voor lokale verplaatsingen eenmaal op Engelse bodem. Het treinvervoer is geprivatiseerd en verdeeld over enkele spelers. Net als op het vaste land worden er verschillende tarieven gehanteerd voor de trein. Vroegboekers (vanaf 12 weken voor vertrek) kunnen goedkopere tickets op de kop tikken. Soms bespaar je geld wanneer je je ticket opsplitst in deeltrajecten. Meer tips hoe zo goedkoop mogelijk met de trein reizen, vind je hierNational Rail heeft een kaart met een overzicht van alle treinlijnen. Bij hen kan je ook je tickets boeken. Gaat de interesse uit naar de ruime omgeving van de nationale parken van Engeland dan geeft deze link wat handvaten voor je verplaatsing.

WANDELGEBIEDEN & REISVERSLAGEN

Hieronder bespreken we interessante wandelgebieden en vermelden we de reisverslagen die we reeds verzamelden. In principe ligt de focus op Nederlandstalige beschrijvingen van wandelaars uit de eigen regio maar bij gebrek aan worden ze aangevuld met Engelstalige tochtverslagen. Zelf een ervaring met een meerdaagse wandelroute die je wil delen? Lees hier hoe dat kan.

We gebruiken de omgeving van de verschillende nationale parken om een opdeling te maken:

  • Noord-Engeland: Lake District, Northumberland, Yorkshire Dales, Yorkshire Moors
  • Centraal Engeland: Peak District
  • Zuidwest-Engeland: Devon en Cornwall
  • Zuidoost-Engeland: Downs
  • Wales: Offa’s Dyke, (Pembrokeshire) Coast, Snowdonia, Brecon Beacons
map1smallv2_tcm77-300696

Bron: http://www.ons.gov.uk/

Noord-Engeland

image20

Lake District

In 1951 werd het een Nationaal park. Een berglandschap dat met Scafell Pike de hoogste top van het Verenigd Koninkrijk herbergt en het grootste en het diepste meer in zijn overzicht heeft staan. Het park biedt een mix van brede u-vormige dalen die de berggebieden opdelen, messcherpe graten zoals Striding Edge en smalle steile gully’s waar winter- en ijsklimmers op af komen. Maar dat valt buiten de focus van dit artikel.

Ook typisch zijn de bergtoppen (fells) met ingebed in het graniet kleine meertjes. Bijvoorbeeld het wat grotere Sprinkling Tarn als de meer verborgen meertjes zoals Hard tarn. Een ideale plaats voor een anoniem kamp en kort genoeg bij de graat om een zonsondergang of -opgang mee te maken, al kan dat om bij Hard Tarn te blijven ook op Helvellyn zelf.

image03

In dit waterrijk gebied is het echter niet altijd een evidentie om een droge plek te vinden. Een zompige veenondergrond met graspollen maakt dat het wat zoeken is naar een kampeerplek. Door de zachte ondergrond in turfgebied zijn wat bredere tentharingen soms op hun plaats. Het Lake District is een van de meest populaire wandelgebieden in Engeland. Het maakt omwille van de relatief korte aanloop naar de hogere delen dat het tijdens vakantie- of weekenddagen plaatselijk druk kan zijn. Het merendeel van de mensen komt voor een dagtocht, daarom zal tegen de avond de rust terug keren.

Het is vooral de wandelaar en schrijver Alfred Wainwright die door zijn publicaties het Lake district op de kaart heeft gezet. Hij heeft het gebied opgedeeld over verschillende boekdelen. Hierin heeft hij 241 toppen beschreven. Hebben de Schotten hun Munros, in het Lake district heb je de Wainwrights. In hoogte variërend tussen 985 feet (Castle Crag) en 3210 feet (Scafell Pike) voor de hoogste top van heel Engeland. De beschrijvingen van deze tochten zowel in boekvorm als op internet vormen een goede basis om doorgaande meerdaagse kampeertochten te bedenken.

Lake District (foto: David Cappelle)

Lake District (foto: David Cappelle)

De Ordnance Survey Outdoor leisure 4/5/6/7-kaarten bedekken het meeste gebied dat onder het National park valt. Recent zijn plannen goedgekeurd om zowel het Lake District en het  nabijgelegen Yorkshire Dales Nationaal park te vergroten zodat ze bijna een aansluitende gebied gaan vormen. Er loopt geen National trail door het Lake District, wel enkele regionale paden:

  • The Cumbria Way is een goed gekende route met een lengte van 112 km. Dit noord-zuid georiënteerd pad loopt dwars door het Lake District maar blijft grotendeels in de valleien. Publicaties zijn in boekvorm en op internet te vinden. Een Google op Cumbria Way levert massaal veel info. Ook te boeken via wandelwinkels evt met bagage transport. Het pad staat ingetekend op de Ordnance Survey kaarten.
  • Coast to Coast path is nog bekender. Goed voor bijna 300 km. Dit pad loopt van St-Bees aan de Ierse zee naar Robin Hood’s Bay en is ook een erfenis van Alfred Wainwrights  die dit pad heeft bedacht. Sommigen maken er een eigen variant op. Het doet in west-oost richting de drie nationale parken in het noorden aan. Het zal vooral het Lake District zijn dat gaat bekoren.
  • Conditioneel sterke stappers kunnen er hun hartje ophalen voor een meerdaagse tocht door de Bob Graham Round, een trailrun van 106km, te wandelen. Deze onbewegwijzerde route loopt over 42 fells en laat je de diversiteit van het Lake District bewonderen. Van zompige paden waarin je tot kniehoogte kan verdwijnen over rotsige flanken en langs diverse tarns ontdek je dat de hoogtemeters snel oplopen op deze tocht.

Het Lake district is relatief vlot bereikbaar: http://www.cumbria.gov.uk/somt de mogelijke opties op om je te verplaatsen.

Verslagen:

Lake District

Cumbria way

Coast to Coast

Northumberland

De streek tegen de grens met Schotland met één nationaal park op zijn grondgebied. The Cheviolet Hills zullen het gebied bij uitstek zijn waar backpackers hun tent op willen zetten. Het zal er nooit erg druk zijn in vergelijking met het Lake District.

Er lopen diverse trails doorheen het gebied:

  • image18Het wordt integraal doorgestoken als je op de Pennine Way zit, het oudste pad van de VK.
  • Hadrians Wall is een “Van kust naar kust” pad. Een 135 km lange route tussen Wallsend, Newcastle upon Tyne in het oosten en Bowness-on-Solway in het westen. Je volgt de restanten van een vestingsmuur uit de Romeinse tijd. Ze gaf de buitengrens aan van het Romeinse rijk in de tweede eeuw na Christus. Er waaien overwegend westenwinden dus lijkt het in tegenstelling tot wat Vlaanderen Vakantieland voorstelt, beter vanaf de Ierse zee te vertrekken, wind in de rug. Niet ieder stuk is even interessant. De heirbanen van toen zijn inmiddels brede wegen geworden.
  • Andere meerdaagse tochten zijn de 100 km lange St Cuthbert’s Way in het Noorden die vanaf de kust Schotland induikt. St. Oswald’s Way mixt de kust van Northumberland met het platteland en loopt van Holy Island in het noorden naar Heavenfield in het zuiden. Goed voor 156 km. Verder heb je ook nog het Northumberland Coast Path. De hierboven genoemde routes zijn in tal van publicaties besproken en worden ook als arrangement aangeboden. Dit betekent dat desgewenst je met een dagrugzak de tochten kan lopen.

Enkele Engelstalige reisverslagen:

Yorkshire moors

Pakt uit met de Cleveland Way (176 km) als hun vlaggeschip. Negen dagen dwars door de North York Moor en langs de schitterende kliffenkust tussen Whitby en Robin Hoods’ Bay. Op de site van hun Nationaal park vind je nog andere minder lange tochten doorheen deze streek.

Verslag: Cleveland Way – Piet Smulders

Yorkshire dales

De dales bieden een mix van dalen en heuvel- en bergtoppen. Het is ook een combinatie van grasland, grazende schapen en koeien. Ommuurd met stenen uit de omgeving tegen de achtergrond van ruig heide gebied. Het landschap waar de TV-reeks “Alle beesten groot en klein” is opgenomen.

  • Erik zag tijdens de Tour de France van 2014 de Yorkshire Dales en besloot er gaan te wandelen deze zomer.
image01

Pjetr Kratochvil (www.publicdomainpictures.net)

De U- en V-vormige dalen, uitgeslepen door gletsjers tijdens de ijstijd leggen plaatselijk de kalksteen ondergrond bloot. Een mix van karstplaten, rots uit kalksteen en een labyrint van grotten in de ondergrond. Op de site van het nationaal park vind je naast alle andere nuttige info een lijst van alle meerdaagse routes die dit gebied aandoen.

image08

Childzy (https://commons.wikimedia.org)

Centraal England

Peak District

Het Peak District, het onderste deel van de “ruggengraat” gevormd door de Pennines. Ligt midden in het Verenigd Koninkrijk en anders dan zijn naam doet vermoeden vind je er geen toppen maar heuvelruggen tussen de 300 en 600 meter.

Het Peak District National Park bestaat sinds 1951. Op de website van dit park vind je, naast een lijst van enkele meerdaagse tochten die dit gebied aandoen, ook alle nodige info om je voor te bereiden op een kennismaking met dit gebied. Een link naar de meerdaagse Limestone Way die in voorgaande overzicht buiten beeld blijft. Een site die naast dag- en meerdaagse tochten ook een suggestie heeft voor de wat rappere jongens en meisjes onder ons die aan trailrunning doen.

image15

Will Robson (https://commons.wikimedia.org)

Een gevarieerd landschap met in het noorden voornamelijk heidegebied (zgn moorland) met een ondergrond van zandsteen. In het zuiden wonen de meeste mensen. De ondergrond daar, bestaat uit kalk. De bekendste meerdaagse wandelroute die het Peak District aan doet is de Pennine Way.  Reken op meer dan 14 dagen om dit 429 km lange pad te lopen. Pittig omwille van de niveauverschillen wanneer je de nationale parken van Peak District verbindt met Yorkshire Dales en Northumberland. Een variant van deze route is The Pennine Bridleway. Deze richt zich naast wandelaars te richten op fietsers en ruiters.

Verslagen:

Zuidoost-Engeland

South downs

image17

foto: wikimedia.org

South Downs National Park is een van de recentere parken en samen met New Forest het meest zuidelijke park van Engeland. South Downs National Park poogt het typische landschap van Zuid-Engeland te beschermen. Dit bestaat grotendeels uit glooiende heuvellandschappen en het typische zuid Engelse down-landschap (witte krijtondergrond en grassen) met de daaraan verbonden specifieke flora. Door landbouw en verstoren van  de ondergrond dreigde zijn specifieke flora te verdwijnen. Daarnaast zijn er de bossen. Zuid-England heeft een van de oudste taxusbomen ter wereld.
De South Downs Way is een Nationale trail en blijft van begin tot het einde binnen de grenzen van het park. Het is 160 km lang en goed voor een dikke week wandelplezier tussen de historische stad Winchester en de badplaats Eastbourne. De website van de South Downs Way geeft alle info om deze tocht zo goed mogelijk voor te bereiden. Het is over het algemeen een vrij gemakkelijke route die zelfs kinderen aan kunnen.

image14Langs de South Downs Way in Zuid-England (foto: Nele Van Mieghem).

Voor avontuurlijke types die geen behoefte hebben aan een bed en bad en voldoende hebben aan hun tent hoeven zelfs aan de onderkant van Engeland niet te vrezen. Met enig gezond verstand kan je er ook wildkamperen. Meer noordoostelijk en buiten het park ligt de North Downs Way goed onderhouden zoals van een nationaal pad wordt verwacht. Deze volgt grotendeels de historische Pilgrims way tussen Winchester en Canterbury.

image04

By SuzanneKn at en.wikipedia (Own workTransferred from en.wikipedia)

Verder naar het noorden ligt The Ridge Way. Het is een onderdeel van de veel langere route The Greater ridge way. Een historische route tussen Lyme Regis en Hunstanton. Eeuwen lang gebruikt door reizigers, soldaten en handelaars. Op hogere grond gelegen en daarom droger aan de voeten. The ridgeway is 139 km lang en loopt tussen Avebury en Ivinghoe Beacon. The public right of way is in principe alleen bedoeld om je te verplaatsen maar kamperen langs het pad wordt door de land eigenaren meestal wel gedoogd. Toestemming vraag je wanneer je wat verder van het pad op privé grond wil bivakkeren.

Ergens halverwege the Ridge Way kom je de signalisatie van het  Thames path tegen. Dit pad volgt de rivier vanaf zijn bron in the Cotswolds door landelijke gebied, historische dorpen en steden tot Woolwich. Net geen 300 km lang.

In dezelfde hoek ligt de Essex Way. Hij komt ook voor in het boek “1001 walks you must experience before you die” Voor liefhebbers van pittoreske dorpjes op het platteland. Vermoedelijk toch niet de paden  waar een gemiddelde berg wandelaar naar zit uit te kijken maar zo komen in Engeland meerdaagse wandelaars van alle slag toch aan hun trekken.

Verslagen:

Cotswolds

Erik Vloeberghs trok door de idyllische Cotswolds via de gelijknamige Way en andere paden. Meer info en beelden in de fiche, foto’s en het reisverslag.

Zuidwest-Engeland

Devon & Cornwall

Het zuidwesten van England zorgt voor zeer diverse en boeiende wandelmogelijkheden. Langs de kuststreek vind je ruwe kliffen, mooie vissersdorpjes, soms brede estuaria.

Het South West Coast Path volgt de volledige kustlijn van Devon & Cornwall, en is meteen het langste langeafstandspad van het Verenigd Koninkrijk. In het binnenland vind je het typische plattelandsbeeld: glooiende heuvels, talloze velden en opeengestapelde muurtjes, her en der een boerderij of cottage en beboste beekvalleien.

Zuidelijke kustlijn van Cornwall (foto: Debbie Sanders)

Er zijn ook enkele belangrijke veen- en heidegebieden zoals Dartmoor en Exmoor National Park.  Dit zijn erg onherbergzame regio’s waar navigeren belangrijk wordt gezien het ontbreken van routes of net het uitwaaieren van diverse sporen waartussen het moeilijk kiezen is. Het kan er erg mistig en zompig zijn. Opvallend in Dartmoor zijn de ‘tors’, rotsformaties die het erosieproces van miljoenen jaren hebben doorstaan. De Two Moors Way gaat dwars door beide gebieden.

Enkele interessante websites:

Het is een eindje reizen naar Devon & Cornwall. Meer info vind je op deze sites:

Reisverslagen:

Devon

Cornwall

Wales

Wales is meer dan onbewegwijzerd scramblen over rotsige kammen in Snowdonia National Park. Het is een streek die aan de westkust van Groot-Brittannië ligt en waar traditioneel ommuurde weilanden overgaan in rotsige heuvels (Snowdonia) of uitgestrekte graslanden (Brecon Beacons). Er zijn in Wales diverse uitdagingen, van het overwinnen van de taalbarrière (het Welsh of Cymraeg zoals de locals het noemen) over het zoeken van een droog pad in Waterfall country tot het scramblen op de ene of andere flank van Snowdon of de Pen Y Fan. De ene al wat moeilijker dan de andere. Als je je liever niet waagt aan het zelf zoeken van je route kan je steeds een keuze maken uit heel wat lange afstandswandelingen. Wales kan namelijk drie National Trails toevoegen aan zijn lijst met “meerdaagse tochten”.

Offa’s Dyke

Het Offas Dyke Path, 285 km lang, beweegt zich op de grens tussen Wales en England. Genoemd naar Koning Offa die deze aarden wal ergens in de 8ste eeuw heeft laten opwerpen.

Reisverslagen:

“Offa’s Dyke near Clun” by Chris Heaton. Licensed under CC BY-SA 2.0 via Wikimedia Commons

Glyndŵr’s Way is 217 Km  lang en doet midden Wales aan. Onderweg kom je een mix van open, onbewerkt land, in cultuur gebracht land waar aan landbouw wordt gedaan tegen, afgewisseld met bossen. Een pad dat genoemd is naar Owain Glyndŵr, een figuur uit de 14de eeuw.

Wales Coast Path

Wil je heel de kustlijn van Wales volgen dan kan dat -eventueel in etappes- door het Wales Coast Path te lopen. Bij het klikken op voorgaande link wordt je van alle info voorzien of doorgestuurd. Zelfs met online kaartfragmenten.

Het Pembrokeshire Coast Path beperkt zich tot de meest westelijke punt van Wales en slingert zich omhoog en omlaag langs de kust en doet tal van baaien en havens aan. 300 km tussen de start in St Dogmaels in het noorden en Amroth in het zuiden.

Sommige aspecten gaan wat voorbij aan de doelstellingen van Hiking Advisor maar volgend beeldverslag geeft wel een impressie van de mogelijkheden en sfeer langs de kustlijn.

Verslagen:

Snowdonia

Snowdonia National Park is een divers natuurpark. Je kan er op de meer toeristische aangelegde wandelpaden wandelen maar evenzeer je route zoeken over glooiende en met gras begroeide hellingen of scramblen over de rotsige kammen. Enkel in de buurt van Snowdon, de hoogste top van Wales, zal je signalisatie vinden. Voor de rest is het gebied onbewegwijzerd. Bekende routes naar de top van Snowdon zijn de vrij gevaarlijke Pyg track en de Miners’ track.

In Snowdonia kan je enkele hostels vinden, waarvan die aan de Pen-Y-pass het meest strategisch gelegen is om van daaruit diverse toppen in de omgeving te bewandelen. Let wel op want veel van de hostels zijn enkel in het hoogseizoen open waardoor je tijdens een wintertocht vaak aangewezen bent op bivakkeren.

image02Bivak op de Carnedd Llewelynn (foto Yanick Bos)

De meest uitdagende, ongemarkeerde route die Snowdonia aandoet is de Cambrian Way. Een verticale doorsteek van Wales, 463 km lang tussen begin en einde en tegen dan heb je minstens 20.000 hoogtemeters achter de rug.

Cambrian Way in Snowdonia (foto: Debbie Sanders).

Traveline.cymru heeft een handige ‘bus stop finder’ op zijn site staan. In Snowdonia kan je de wagen parkeren maar geldt er bijna overal een pay&display policy (betaald parkeren). Om het gemakkelijk te maken voor toeristen is er een treintje van Llanberis naar Snowdon Visitor Centre op de top van Snowdon.

Verslagen:

Brecon Beacons

Brecon Beacons wordt gekenmerkt door een glooiend landschap waarin de omgeving gedomineerd wordt door aan de ene zijde zacht aanlopende met gras begroeide heuvelruggen en aan de andere zijde vaak een afgrond of zeer steile en rotsige flank. De Pen Y Fan (886m) is de bekendste top in de omgeving en kan je langs diverse aanlooproutes bereiken, de ene al uitdagender dan de andere. Een andere kam ligt op the Black Mountain. De Beacons Way loopt erover en neemt je mee langs de mooiste stukjes van the Beacons, van cairn tot cairn. In het centrale stuk van het nationaal park kan je in de valleien diverse stuwmeren of reservoirs vinden. Ten zuiden van dit heuvelachtig landschap ligt Waterfall country, een in de bossen liggend geheel van snelstromende rivieren en watervallen. De watervallen zijn vaak breed. Sommige lenen zich zelfs om eronder of erachter door te wandelen.

image16Aan de voet van Pen Y Fan (Yanick Bos)

Verslagen:

Reacties op dit artikel mag je hier plaatsen.